Carl-Henning Pedersen (Kopenhagen, 1913 - 2007)
Carl-Henning Pedersen was autodidact. In 1936 begon hij onder invloed
van Egill Jacobsen zijn loopbaan als beeldend kunstenaar. Van 1942 tot
1949 was hij lid van 'Host' en maakte hij deel uit van de groep rondom
het tijdschrift Helhesten. In 1948 trad Pedersen net als enkele van
zijn landgenoten toe tot CoBrA, hoewel hij zich nooit bijzonder met de
organisatie en de theorie van deze beweging zou bezighouden. Anders dan
Asger Jorn bleef hij bijvoorbeeld altijd in Denemarken wonen.
Pedersen
nam wel deel aan de roemruchte CoBrA-tentoonstellingen in Amsterdam
(1949) en Luik (1951). Bovendien publiceerde het tijdschrift 'CoBrA'
werk van hem. Maar verder concentreerde hij zich liever op zijn eigen
werk. Met zijn simpele, bijna ornamentale vormen en felle, lichte
kleuren maakte hij veel indruk op de andere CoBrA-leden.
In die
periode was Carl-Henning Pedersen in de greep van kindertekeningen,
volkskunst, primitieve middeleeuwse schilderingen in dorpskerkjes op
Jutland en kunst van primitieve volkeren. Veel van zijn collega's
vonden pas na de CoBrA-jaren een eigen stijl. Pedersens naoorlogse
schilderijen van vogels en goden in witte en gele kleuren, geschilderd
met een stippeltechniek, tonen aan dat hij die toen al bezat.
In
1976 werd in het Deense Herning een museum met werken van Pedersen en
dat van zijn vrouw Else Alfelt geopend. Zijn stippeltechniek, waarmee
hij ongewone lichteffecten wist te bewerkstelligen, liet hij niet meer
los. Ook de fabelwereld met vogels, huizen, bomen, zonnen en goden
bleef hem tot zijn dood op 95-jarige leeftijd in 2007 inspireren, al
was zijn kleurgebruik gaandeweg wel steeds gedempter geworden.